Geloofwaardigheid, oftewel het bilocaliteitsprincipe van Sinterklaas

Sinterklaas is in ons land. Afgelopen weekend kwam hij aan per stoomlocomotief. Zonder Americo, maar met een nieuw paard, genaamd Ozosnel. En we geloven er ook dit jaar weer massaal in. 

Het had een hoog Harry Potter gehalte, de stoomtrein die tuffend en met grote witte wolken het station van Apeldoorn binnenreed. Volgens Sinterklaas omdat zijn nieuwe paard bang van water is, in werkelijkheid omdat de plaats van aankomst niet over een haven beschikt en het kanaal te klein is voor een stoomboot. En dan moet je als organisatie dus wat.

Passende Sinterklaasbeleving

Nou vind ik persoonlijk zo’n stoomtrein wel wat hebben. Het nostalgische gevoel dat het oproept, pas bij mijn Sinterklaasbeleving. Het was wat anders geweest als men had besloten de goedheiligman per helicopter te laten arriveren. Inclusief Pieten, hangend aan touwladers, terwijl het toestel laag over de gillende menigte scheert. Indrukwekkend en van deze tijd, maar een stuk minder geloofwaardig.

Ook het onmogelijk kan geloofwaardig zijn

Net als elk goed verhaal draait ook het Sinterklaasverhaal om geloofwaardigheid. Geloofwaardigheid betekent niet per se dat iets werkelijk mogelijk is, maar binnen de context van het verhaal geloof je het wel. De eerder genoemde Harry Potter is daar een schoolvoorbeeld van. Het merendeel van de gebeurtenissen die Rowling beschrijft is onmogelijk en toch zien we het voor ons. Sterker nog, we willen ook een uil en hopen stiekem opgeroepen te worden voor de tovenaarsschool.

Onze wil ergens in te geloven is essentieel

‘Ik niet,’ denk jij nu wellicht. En dat raakt een ander aspect van geloofwaardigheid. Het heeft ook te maken met onze wil ergens in te geloven. Wie niets heeft met het fantasy genre of superhelden zal zich ook niet laten meeslepen door Tolkien, Clarke, Feist of een Marvel serie. Hoe goed uitgewerkt de verhalen ook zijn, je zult je als lezer (of kijker) niet kunnen identificeren met de (hoofd)personages en de gebeurtenissen en als criticaster aan de zijlijn je enkel afvragen waarom iemand ‘hier doorheen komt’ of ‘in deze onzin gelooft’.

Het Sinterklaasverhaal is meer dan Sint en Piet

Terug naar Sinterklaas. Natuurlijk identificeer ik me niet in de goedheiligman. En over de mensen die zich identificeren in de Pieten wil ik het hier ook niet hebben. Waar het mij om gaat, is het Sinterklaasverhaal. En daarbinnen identificeer ik mezelf met een heel andere groep, dat een essentieel deel uitmaakt van dat verhaal, namelijk de kinderen.

Het spannende moment dat je weet dat Sint in Nederland aankomt. In mijn tijd nog zonder brandend of gesloten Pietenhuis, verdwenen pakjes of verliefde pieten. Het verhaal was simpel. De spanning zat hem in de wetenschap dat Sint en Piet alles over je wisten, de chocoladeletter in je schoen en die ene keer dat de schoen leeg was en je op aanraden van je ouders toch maar weer in bed kroop om een uurtje later alsnog een cadeautje in diezelfde schoen te vinden. En dan het hoogtepunt, pakjesavond, wachtend op de deurbel en die oom die altijd net ná de vondst van de zak met cadeautjes, binnenstapte.

Een verhaal gaat om het gevoel dat het geeft

Elke verhaal draait om het gevoel dat het teweeg brengt. Is dit gevoel positief, dan willen we het heel graag vasthouden en doorgeven. ‘Je mag het wel van me lenen’, ‘volgende keer ga je gewoon mee’, ‘dit moet je gezien hebben’.

Sinterklaas is voor mij een prachtig voorbeeld van zo’n verhaal. De uitvoering mag in de loop der jaren zijn gewijzigd, ik blijf toch heel graag geloven in die fitte, stokoude man, die op meerdere plekken tegelijk kan zijn en elk jaar met de pieten en dat paard helemaal uit Spanje cadeautjes aan alle kinderen in Nederland komt brengen. Die lief zijn geweest, natuurlijk.


Wellicht vind je dit ook leuk?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.